woensdag 28 maart 2012

Van vrijheid naar bewustwording

Een Essay over Jin, Jang en denkstijlen
Arthur ten Wolde, 27 Februari 2012

Door koppeling van de begrippen van Jin, Jang en ego aan Spiral Dynamics wordt een eenvoudig kader opgesteld voor de ontwikkeling van gedragingen van volwassenen, groepen en organisaties. Het beschrijft de stadia van overleven, macht en vrijheid naar bewustwording. Denkstijlen met een Jin- en een Jang-karakter wisselen elkaar daarbij af. Het ego verstoort steeds de balans maar kan verdwijnen door bewustwording. De huidige krediet-, milieu- en grondstoffencrisis zijn het gevolg van een overdosis mannelijkheid (Jang) in onze samenleving. Meer vrouwelijkheid (Jin) is nodig om de balans te herstellen; in wezen is dat de boodschap van Occupy. De trend van bewustwording in vrijheid biedt hoop om de wereldproblemen gezamenlijk het hoofd te kunnen bieden. Dit vraagt om leiderschap van elk van ons.

Download het essay hier

Help plastic afval de zeeën uit

Verschenen in:Milieu - Tijdschrift van de Nederlandse Vereniging van Milieuprofessionals - Februari 2012

Plastic afval in zee is een toenemend probleem dat honderden diersoorten aantast. Ook zijn er grote onzekerheden over de indirecte effecten. Voldoende reden voor onmiddellijke actie dus, te meer daar de vervuiling jaarlijks naar schatting 50-100 miljard euro aan economische schade veroorzaakt.

Het Plastic Marine Litter Programma wil de Noordzee plastic vrij maken.
Download het artikel hier

woensdag 21 december 2011

Sabotage klimaatbeleid

Gepubliceerd op 20 december 2011 in het blad Milieu van de Nederlandse Vereniging van MIlieuprofessionals VVM, p. 31

In zijn essay ‘Klompen in de machinerie’ maakt Jan Paul van Soest op verbijsterende wijze duidelijk dat het klimaatbeleid wordt gesaboteerd. Een recensie.

Stevig onderbouwd maakt ‘Klompen in de machinerie’ duidelijk dat er een krachtige anti-klimaatbeweging bestaat, met miljoenensteun van gevestigde bedrijven. Zonder dat echt sprake is van een complot, blijkt de tegenlobby zeer effectief en heeft geresulteerd in een falend klimaat- en energiebeleid.

Twijfel zaaien
Vooral grote Amerikaanse, Canadese en Australische bedrijven met belangen die onder vuur liggen (tabak, chemie, olie en kolen) financieren tal van neoliberale en conservatieve denktanks om effectief klimaatbeleid te ondermijnen. Bij en rond deze denktanks oftewel Policy Institutes werken als wetenschappers vermomde lobbyisten die permanent twijfel zaaien en zo maatregelen weten tegen te houden. Ze sturen een permanente stroom van studies en rapporten de wereld in, die eindeloos in de blogosfeer wordt herhaald en gerecycled en die ook in andere landen, waaronder Nederland, zijn sporen nalaat. Met als gevolg dat kretologie als “de vrije markt moet zijn werk doen” en “windmolens draaien niet op wind maar op subsidie” meer en meer domineren.

Daarnaast wordt het klimaatbeleid onbewust tegengewerkt. Dit gebeurt vooral door mensen niet willen inzien dat de gangbare wet- en regelgeving is geënt op conventionele energie. Vanuit die misvatting weigeren ze bijstelling ten gunste van duurzame energie te bespreken.


Koersverandering
De paradoxale conclusie dat het neoliberale-reactionaire denkraam leidt tot economische stagnatie onderschrijf ik hartgrondig. Hetzelfde geldt voor de aanbeveling om de lobby voor duurzame energie in Nederland te versterken. Ook onderschrijf ik het belang van meer onderzoek naar de diverse denkramen en van het onderkennen van bestaande belangen en ideologisch getinte visies in het debat.

Het essay inspireert om na te denken over de mogelijkheden om het klimaatdebat weer de aandacht te geven die recht doet aan de ernst van de problematiek. Een wereldwijde temperatuurstijging van 2 ˚C lijkt immers al onafwendbaar.

Om het klimaat- en energiebeleid op gang te krijgen is top-down beleid nodig met harde grenzen aan de ecologische impact, aldus Van Soest. Het gaat dan om sturing en randvoorwaarden die bovenlangs worden vastgelegd, zoals volledige doorberekening van maatschappelijke kosten in de energieprijs en langdurige voortzetting van bestaande stimuleringsregelingen voor duurzame energie. Van belang is ook te zorgen voor hernieuwde waardering voor kennis, feiten en wetenschap. Verder zou ik graag de aandacht voor de factor ‘macht en belangen’, waar Van Soest terecht om vraagt, consequent willen doorberedeneren in de te volgen koers. Moeten we juist vanwege de machtsfactor niet overstappen van de klimaat- op de transformatievisie? Dus stoppen met pleiten voor CO2-opslag zolang de gevestigde orde vasthoudt aan business-as-usual? En waarom zoveel oog voor de concurrentiekracht van de gevestigde energiebedrijven als deze de omslag naar duurzame energie tegenwerken? Of lopen we dan teveel CO2-reductie mis?

Boodschap verspreiden
Hamvraag is wellicht hoe de duurzaamheidsbeweging meer macht en invloed kan krijgen? Door kiezers te bereiken, adviseert Van Soest. Een aanbeveling die ik wil toevoegen is: zet zelf met de duurzaamheidbeweging alle - ook sociale - media in om een veel grotere groep burgers te bereiken met de boodschap uit dit essay: Er is sprake van bewuste en onbewuste sabotage van de o-zo-noodzakelijke transitie naar een duurzame energiehuishouding. Maak er, voortbouwend op de speelse samenvatting waarmee Van Soest het essay afsluit, een YouTube-filmpje van, verspreid het op Hyves en Facebook, en zoek draagvlak voor een documentaire of een film. Zegt het voort!

Arthur ten Wolde,
senior consultant IMSA Amsterdam
arthur.ten.wolde@imsa.nl

Klompen in de machinerie. Bewuste en onbewuste sabotage van de transitie naar een duurzame energiehuishouding. Essay (tweeluik) voor Raad Leefomgeving en Infrastructuur. Uitgave van De Gemeynt, 2011, zie www.gemeynt.nl
(knop: publicaties)

woensdag 28 september 2011

Aankondiging Vrijplaats op Springtij "Ervaar Innerlijke Duurzaamheid: Omgaan met angst voor doemscenario's"

Op: Springtij Festival 2011: Zie http://www.springtijfestival.nl/2011
Tijd: zaterdag 1 oktober 2011, 13:00 – 14:15 uur
Plaats: Zeevaartschool, Terschelling
Methode: meditatie + open inquiry

Door Arthur ten Wolde

Deze Vrijplaats is bedoeld om jezelf en elkaar inzicht te geven in het omgaan met angst voor doemscenario's. Hoe ga je om met je gevoelens na het lezen van weinig opbeurende boeken zoals Zes Graden van Mark Lynas, over de gevolgen van klimaatverandering? Met de berichtenstroom over het uitsterven van soorten? En met de vele sombere toekomstscenario's van de Club van Rome naast slechts één duurzaam scenario, waar we niet op afstevenen? Sla je zulke berichtgeving over, word je er neerslachtig van? Hoe ervaar jij het, hoe ervaren anderen het, hoe kun je ermee omgaan en op een hoopvolle manier naar de toekomst kijken?

Om deze vragen te onderzoeken gebruiken we de methode van open inquiry zoals ontwikkeld en toegepast door A.H. Almaas en de Rhidwan school. Voor de precieze invulling van deze sessie heb ik dankbaar gebruik gemaakt van de input van Marlou Elsen. Na 15 minuten meditatie volgt een tweegesprek van twee keer 15 minuten waarbinnen aandachtig naar elkaar luisteren centraal staat. We beëindigen de sessie met een korte plenaire uitwisseling over eigen ervaringen.

Aanbevolen literatuur:

• De aarde heeft koorts, door Erik van Praag, Jan Paul van Soest, Judy McAllister. Dit boek bevat concrete handvatten voor het omgaan met angst voor klimaatverandering.
• The Power of Now: A Guide to Spiritual Enlightenment, door Eckhart Tolle
• Spacecruiser Inquiry, True Guidance for the Inner Journey, A.H. Almaas. Dit boek bevat vele praktische voorbeelden van open inquiries.
• The Pearl Beyond Price. Integration of Personality into Being: An Object-Relations Approach. A.H. Almaas

woensdag 21 september 2011

Duitse deskundigen: voorzichtig met nanomaterialen

Dit bericht is gepubliceerd op http://www.nanoplaza.nl/2011/09/duitse-deskundigen-voorzichtig-met-nanomaterialen/ op 21 september 2011

Begin september adviseerde de Duitse milieuadviesraad SRU (Sachverständigenrat für Umweltfragen) een voorzichtiger omgang met toepassingen van nanomaterialen. De EU-stoffenrichtlijn REACH moet voor nanomaterialen meer op het voorzorgbeginsel worden gebaseerd, aldus SRU. Deze dienen ook te worden geëtiketteerd, en de producttoelating en registratiesystemen vernieuwd. De aanbevelingen zijn opgenomen in een lijvig rapport over de huidige regelgeving op nanomaterialen in Duitsland. De SRU-raad, bestaande uit zeven milieudeskundigen, adviseert de Duitse regering.

Door Arthur ten Wolde*

Duitse en de EU-wetgeving voorzien op zichzelf al in een op voorzorg gebaseerde aanpak van nieuwe technologieën, stelt het rapport. Dit is vooral belangrijk voor nanotechnologie, die nieuwe risico’s oplevert en sneller producten ontwikkelt dan de methoden om de veiligheid daarvan te testen. De Europese Commissie herziet momenteel de behandeling van nanomaterialen in REACH als onderdeel van een bredere herziening.

De SRU wil dat nanodeeltjes afzonderlijk worden geregistreerd van de bulkvariant. Er moet ook een registratieplicht voor nanomaterialen komen, waarvan minder dan een ton per jaar in de EU wordt gemaakt of ingevoerd. Verder wordt gepleit voor een veiligheidsbeoordeling van nanostoffen, waarvoor theoretische – maar wel gefundeerde – reden tot zorg bestaat.

SRU stelt voor bedrijven die nanomaterialen vervaardigen of gebruiken automatisch te laten vallen onder het kader van de milieuwetgeving gericht op het minimaliseren van vervuilingsrisico’s. Ook moet er een semi-openbaar register voor producten komen die gefabriceerde nanodeeltjes bevatten. De Duitse minister van Milieu Norbert Röttgen is al verklaard voorstander van een productregistratie voor nanomaterialen. Ten slotte moet de EU-definitie van nanodeeltjes worden uitgebreid tot afmetingen tot 300 nanometer, in plaats van 100 nm.

Al met al vergaande en zinvolle aanbevelingen. Alleen etikettering lijkt minder relevant omdat de consument primair is gebaat bij veilige producten. En de bovengrens van 300 nm gaat wel erg ver.

De Duitse milieuorganisatie BUND herhaalde zijn oproep dat nanozilver moet worden verboden in consumentengoederen totdat er meer informatie beschikbaar is over de gezondheids- en milieu-effecten. Eerder bracht het Duitse BfR al negatief advies uit over nanozilver. Duitsland neemt duidelijk het voortouw in de discussie.

Intussen steggelt de EU maar door over de definitie van nanotechnologie. Nederland wacht af. Hopelijk legt dit advies ook Europees zoveel gewicht in de schaal dat er nu op afzienbare termijn eindelijk besluiten worden genomen over regelgeving die de consument afdoende zal beschermen. Een stevige stakeholderdiscussie over nanomaterialen zou dit kunnen bevorderen.

vrijdag 24 juni 2011

Geen draagvlak voor stakeholderdialoog nanodeeltjes

Gepubliceerd op http://www.nanoplaza.nl/2011/06/stakeholderdialoog/ op 22 juni 2011

Er is in Nederland voorlopig geen draagvlak voor een stakeholderdialoog over de risico’s van nanodeeltjes. Dat bleek uit een kleine rondgang van IMSA Amsterdam langs verschillende vertegenwoordigers van overheden, bedrijfsleven en non-gouvernementele organisaties (NGO’s).

De meeste gesprekspartners vonden het best een goed idee. Diverse partijen waren graag bereid mee te werken aan een dialoog, mits een ander bereid was het proces te trekken (lees: financieren). De trekker had uit het bedrijfsleven moeten komen. Echter, geen enkel bedrijf bleek momenteel bereid het voortouw te nemen. Bovendien steunt het bedrijfsleven als geheel het huidige kabinetsbeleid, waarin een stakeholderdialoog niet voorkomt.

Ook aarzelen bedrijven om tijd en moeite te steken in een Nederlandse exercitie als deze vervolgens op het Europese speelveld nog eens dunnetjes moet worden overgedaan. Voor aanhaken bij het Franse initiatief voor registratie van nanoproducten is weinig animo, onder meer omdat deze mogelijk een veel te ruime definitie van nanodeeltjes hanteert.

Intussen blijft de overheid wachten op een Europese definitie van nanotechnologie. Positief is wel dat staatssecretaris Joop Atsma aandringt op snelheid. Ook laat hij een reeks invallen bij bedrijven uitvoeren opdat deze alert zijn op de veiligheid van werknemers die werken met nanodeeltjes.

Maar intussen is de veiligheid van consument en milieu de komende jaren in het geding. Wat doet de Nederlandse overheid bijvoorbeeld met het advies van het Duitse BfR om het gebruik van nanozilver in levensmiddelen en producten voor dagelijks gebruik op te schorten, totdat voldoende gegevens beschikbaar zijn voor een definitieve bepaling van de gezondheidsrisico’s?

De achterliggende reden waarom een stakeholderdialoog niet op gang komt, is het gebrek aan urgentie. De lijst van het World Economic Forum met bedreigingen voor de mensheid wordt aangevoerd door klimaatverandering, de kredietcrisis en schommelende energieprijzen. Kerncentrales staan er niet eens op… (aardbevingen wel). Nanodeeltjes vallen onder de noemer ‘Bedreigingen van nieuwe technologieën’, die bijna onderaan staat.

Het is de vraag of dat terecht is. Vooruitlopend op de uiteindelijke definitie van ‘nano’ lijkt het van groot belang de risico’s van nanodeeltjes snel beter te bepalen en te ranken in deze lijst. Maak daar, zoals ook bepleit door Natuur en Milieu, in elk geval meer Europees geld voor vrij. Zodat we mogelijke nano-problemen voor mens en milieu tijdig onderkennen en kunnen voorkomen.

woensdag 6 april 2011

PCCC publiceert de ‘Staat van het Klimaat 2010’

Staatssecretaris Atsma van Milieu ontving op 5 april 2011 het eerste exemplaar van de ‘Staat van het Klimaat 2010’. De publicatie geeft een overzicht van klimaatontwikkelingen in het afgelopen jaar. Het is een uitgave van de onderzoeksinstellingen die samenwerken binnen het PCCC.

Een groot deel van het rapport gaat in op het boek van Marcel Crok. De deskundigen maken met hun analyse en literatuurverwijzingen duidelijk dat deze op veel punten en op hoofdlijnen een eenzijdig beeld schetst. De opwarming van de aarde valt NIET mee.

Zie http://www.klimaatportaal.nl/pro1/general/start.asp?i=0&j=0&k=0&p=0&itemid=1029